Zintuigen

Ook karpers hebben net als wij mensen zintuigen. De meeste zintuigen die karpers hebben komen overeen met die van ons mensen. Onderzoekers zijn er nog niet zo lang geleden achter gekomen dat karpers ook het magnetische veld van de aarde kunnen voelen. Ze denken dat karpers het gebruiken als kompas en zo hun zwemroutes kunnen onthouden.

Hier onder zie je de andere zintuigen van de karper.

Gehoor

Het gehoororgaan van karpers bestaat uit een aantal kleine botjes die aan de ruggengraat verbonden zijn en direct doorlopen naar de schedel. Hierdoor worden het binnenste oor en de zwemblaas verbonden. Dit stelt de karper in staat om een hoge frequentie van geluidsgolven waar te nemen. De zwemblaas heeft de functie van trommelvlies. De botachtige verbinding tussen de zwemblaas en de schedel geven de geluiden door aan het binnenste oor. Door deze verbinding wordt het geluid versterkt en maakt dat de karper in staat is hogere frequenties waar te nemen dan andere vissen.

Reuk en smaak

De karper kan op verschillende manieren in het water proeven en ruiken. Door de neusgaten (dit zijn kleine openingen net onder de ogen) kan de karper water op snuiven. Hierdoor komt het water in een zeer gevoelig systeem terecht. Dit systeem bepaald of een opgeloste stof in het water afkomstig is van een goede of slechte voedselbron. De karper heeft in zijn mond ook zeer gevoelige chemische sensoren. Net zoals bij de mens werken de neusgaten en de mond van een karper dus samen. Voordat de karper het voedsel dat hij op de bodem vindt dus op eet weet hij er dus al alles over.

Zicht

Karpers kunnen met beide ogen opzij en naar boven kijken in een hoek van 49 graden. Alles wat buiten deze hoek valt is dus niet zichtbaar voor de karper. De karper heeft verschillende oogcellen waardoor hij alle kleuren kan zien die wij kunnen zien. Hier komt nog bij dat karpers ook nog kleuren uit het ultravioletspectrum waarnemen die wij niet kunnen zien. Het zicht van de karper hangt wel sterk af van de water kwaliteit. Zo is het zicht in troebel water velen malen slechter dan in helder water. Een karper kan net zoals de meeste vissen niet vooruit kijken.

Tast

In de huid van de karper bevinden zich zenuwkanaaltjes die kunnen identificeren wat er in zijn omgeving gebeurt. De zenuwkanaaltjes lokaliseren zich in de zijdestreep die van de kop tot de staart loopt langs beide zijden van de vis. De kanaaltjes zijn gevuld met een bepaalde vloeistof en hebben langs de buitenzijde zeer kleine poriën. Deze poriën voelen de kleinste verandering in de waterdruk en temperatuur. Ook helpen ze de karper bij het zoeken naar voedsel. De zijdestreep wordt ook gebruikt bij het vormen van scholen. Karpers communiceren dus wel degelijk met elkaar! Ze voelen niet alleen met de zijdestreep maar ook met voeldraden aan de bek van de karper. Zodra een karper voedsel vindt kan hij zijn voeldraden gebruiken om het voedsel aan te raken en te onderzoeken.